Toen Runeke overleed schreef Willem Vermandere een litanie voor zijn kleinkind. Tien jaar later is er nog verdriet. Maar anders. Nog steeds is het moeilijk om er over te praten. Tenzij in nóg een lied.
Steenkerke 1 november 2007
Dag mensen,
Vraag me niet om heel het rouwproces voor Runeke te reconstrueren… het plotse toeslaan van die hersenvliesontsteking, die maandenlange kliniek en die strijd van de dokters, onze slapeloze nachten en de hoop dat alles toch nog goed komt, om dan uiteindelijk toch het hoofd te moeten buigen. Wat heb je dan anders dan je verbeelding, om voor dat gestorven kind een nieuwe inhoud te scheppen. Vroeger noemden ze dat een ‘mystiek lichaam'. Heel juist is dat! Kort na het overlijden van Rune kwam een man naar me toe, na een concert. ‘Hoe kan je nu nog zingen na wat er gebeurd is!' ‘Ach meneer', heb ik hem geantwoord, ‘ik heb de indruk dat ik nu pas kan zingen'. Zo heb ik het van meet af aan gevoeld. Rune heeft ons leven en ook aan dat zingen en musiceren een nieuwe zeer hevige dimensie gegeven. Je bent in die ‘tranen)dagen' ongelooflijk gevoelig voor tekens en signalen, alles metafoor en je gitaar wordt een reddingsboei. Rune wordt een lied en gaat zijn eigen leven leiden.
Runeke's litanie,
Rune is de naam, uit het Skandinaafs gebied,
Rune daar ontloken, Rune ons daar ook verliet,
Runeke ons manneke, ons rostekopke rood,
Runeke in mijn armen, Rune op mijne schoot,
Runeke amper ontloken, Runeke zo bleek,
Runeke bij de dokters, Runeke echt nie goed,
Rune vol scherpen naalden, ach dokters wees gegroet,
Rune kon niet meer leven, Runeke in nood,
Runeke ons engeltje, Runeke is dood.
Runeke onze tranen, Runeke ons verdriet,
Rune kropt in mijn kele, voor Rune dit nieuw lied,
Rune lachend ventje, Runeke deugeniet,
Runeke zottemutse, Runeke Suskewiet,
Runeke in mijn kamer, Runeke aan de horizont,
Runeke aan 't venster, Rune de wereld rond,
Runeke langs de wegen, Rune met ons op reis,
Rune in de hagel en regen, Rune in sneeuw en ijs,
Rune in 't klare water, Runeke in kristal,
Rune in de blauwe meren, Rune in de waterval.
Runeke in d bergen, Rune in het dal,
Runeke in de polders, Runeke overal,
Rune taal en teken, Rune plechtig woord,
Rune veilige haven, Runeke toevluchtsoord,
Runeke onze jeunste, Runeke ons genot,
Runeke nu zo zalig, Rune een beetje God,
Runeke zo zuiver, Rune ons heilig vuur,
Runeke zo breekbaar, Runeke zo puur,
Rune in de donk're dagen, Rune in de noorderwind,
Runeke als we twijfelen, Rune ons kerstekind.
Rune in de spiegel, Rune mijn evenbeeld,
Rune gekapt in marmer, Rune gepenseeld,
Rune en nooit at anders, Rune op één akkoord,
Rune g'lijk 't kabb'lend water, Rune altijd voort,
Rune in de fjorden, Runeke op 't strand,
Runeke in de sterren, Rune aan 't firmanent,
Rune in moeder eerde, Rune ons fundament,
Rune den eerste zwaluw, Rune zo hemelhoog,
Runeke daar glimlacht, Rune in de regenboog.
Runeke geprezen, Rune naar wijd en zijnd,
Runeke gezegend, Rune gebenedijd,
Runeke in mjn dromen, Rune in mijn gedacht,
Runeke in mijn herte, Runeke dag en nacht,
Runeke nog zo kleine, Runeke zo al zo wijs,
Runeke in den hemel, Rune in 't paradijs,
Runeke cherubijntje, Runeke pluimgewicht,
Runeke serafijntje, Runeke zo licht,
Rune is de naam, Rune is de klank,
Rune Rune Rune, Runeke duizend keer dank.
Geloof maar niet dat daarmee alles opgelost is. Tien jaar later overvalt u af en toe een ver heimwee naar het kind… wat zou dat mooi geweest zijn, hadden we je nu bij ons gehad, om te vertellen over uw studie en uw ontdekkingstochten in de wereld. Kijk daar groeit onverwacht een nieuw lied:
Zeuntje
Ons zeuntje dat gestorven is,
Dat leidt zo zijn eigen leven, al peins ik en al ween ik soms, waar is dat kind gebleven!
Dat is nu al ne flinke knaap,
Ie is nooit gestopt van groeien,
Je hoort hem niet, j' en ziet hem niet,
Maar ie is aan 't open bloeien.
Gewichtloos, zo danst ie daar,
Geen kwale kan hem nog deren,
Als engel stijgt ie moeiteloos,
Naar hoogst' allerhoogste sferen,
Ie troost ons zelfs met goeie raad,
Ie monkelt om al onze zorgen,
Komt slaapt en doet uw ogen toe,
Die zorgen da's voor morgen.
En als we feesten, dan is ie daar,
Zacht neuriënd in de gezangen,
Ook 's winters is ie nooit ver weg,
Uit ons donkerste diepste verlangen.
Ie droomt van ons, ie koestert ons,
Ie prevelt heel vrome gebeden,
Ie schreit om ons, ie lacht om ons,
Om al onz' onnozelheden.
Hoort hoe dat zo'n gestorven kind,
Ons toch blijft vergezellen, dag in dag uit inspireert,
Ons zoveel komt te vertellen.
Ons zeuntje dat gestorven is,
Dat leidt zo zijn eigen leven,
Al peis ik en al ween ik soms,
Waar is dat kind gebleven!
Van Blache tot Blankeman. De liedjesteksten. Willem Vermandere, Lannoo 19'95 Euro
|