Ouderverstoting

De realiteitsverandering van het dagelijks leven van betrokken personen gedurende het proces van ouderverstoting

 

 



* In onderstaand artikel wordt de vader als voorbeeld gegeven als verstoten ouder. Natuurlijk kan je i.p.v. de vader, moeder lezen. Er zijn ook kinderen die bij hun vader wonen en de moeder verstoten.

De invloed op het dagelijks leven van betrokkenen en hun familie en omgeving verandert naarmate de tijd verstrijkt. Na de eerste schok, na de maanden, soms jaren van vervreemding en onthechting tussen kind(eren) en hun vader* ontstaat er gaandeweg een nieuwe realiteit in het dagelijks leven van het kind, de moeder en de vader.

Aanpassingen in de dagelijkse/wekelijkse/maandelijkse routine van kind, moeder en vader worden gaandeweg steeds meer een nieuwe gewoonte, een ‘nieuwe realiteit'. Hoe langer de periode van contact-onthouding, des te meer zullen er ‘nieuwe routines' worden gevormd en des te lastiger het wordt om deze routines weer terug te veranderen naar de ‘oude' routine van omgang.

Die veranderde realiteit is voor elke betrokkene anders en wordt door vader, moeder en kind (en hun familie en omgeving) ook vanuit verschillende invalshoeken beleefd:

Het vaak plotselinge verlies van hun vader heeft, net als op de vader, zeker ook op kinderen een traumatisch effect, net als er bij het overlijden van een vader plotsklaps geen enkele communicatie meer mogelijk is, hij ook fysiek niet meer door het kind wordt gezien en kan worden aangeraakt. De ervaringen van het kind met de vader stoppen plotsklaps en worden vervangen door de herinneringen en wat de moeder mogelijk nog over de vader van het kind tegen het kind zegt en aan het kind laat voelen. Dit is in de meeste gevallen bij (beginnende) ouderverstoting niet veel goeds, niets positiefs en geen troost over het feit dat het kind de vader niet meer ziet of hoort. Dit uit zich in meer of minder subtiel gedrag en uitingen van de moeder richting het kind. Dit in tegenstelling tot de vaak positief troostende en steunende emotionele opvang van het kind door moeder en omgeving als een vader plotsklaps overlijdt. Ook dán heeft het kind verliesemoties waar het meestal nog lange tijd mee kampt, tot deze na verloop van tijd ‘slijten', er zich een nieuwe realiteit, een nieuwe levensinvulling, zonder vader, heeft ontwikkeld.

Het (jonge) kind begrijpt in veel gevallen van ouderverstoting beslist niet waarom ze haar vader niet meer ziet en hoort, dit zijn redenen die door de moeder zijn bedacht, niet door het kind zelf.

Welke preciese redenen de moeder hierbij precies gebruikt tegenover de kinderen om deze te ‘overtuigen' / te ‘programmeren' dat het goed is om niet meer naar papa te gaan en geen contact meer met hem te hebben, blijft in veel gevallen onduidelijk omdat zich dit moeilijk laat vaststellen, aangezien dit meestal niet in het bijzijn van anderen plaats vindt.
In geval van (hevige) ruzies tussen de ouders waar het kind getuige van was voorafgaande aan het verbreken van elk contact, kan het kind zich een voorstelling maken van de reden: ruzie tussen papa en mama. In andere, voor het kind volstrekt onduidelijke redenen, is het voor het kind een onbegrijpelijk iets.

In andere extreme gevallen, waarbij de moeder elk contact met de vader wil verbreken met daarbij als ultieme beschuldiging een valse aangifte van ‘sexueel misbruik', wordt het kind door moeder misbruikt om haar eigen belangen en doelen kracht bij te zetten. Veelal gaat de omgeving van moeder hier praktisch zonder kritiek in mee, gezien het gevoelige onderwerp waar, in het geval hier wérkelijk sprake van zou zijn, iedereen van walgt. Ook na eventueel objectief justitieel onderzoek en sepot van dit soort ernstige beschuldigingen blijft de vader veelal gestigmatiseerd. Ook jeugdzorg/rvdk en rechterlijke macht steunen ondanks deze sepots vaak toch de moeder, die meestal geen enkele sanctie ondervindt van haar valse aangifte, maar zelfs hierin gesteund blijft. De vader en zijn familie is beschadigd. Het kind wordt, door beschadiging van de vader, eveneens indirect beschadigd door de moeder.

Scheidingsangst

Het kind wordt door moeder gedwongen te leven met de afwezigheid van de vader, waar vaak gedurende jarenlang een goede band mee was opgebouwd. Ook al zagen de kinderen de vader mogelijk niet dagelijks, de band was opgebouwd door de normale dingen in het leven regelmatig samen met de vader te beleven. Ook door te weten dat je vader van je houdt, er voor je is, je hem kunt bellen als je dat wilt, hij jou ook belt, enz. Delen van de week en/of weekenden bij hem te zijn, boodschappen doen, eten, schooldingen, verjaardagen, feestdagen, vakantiedagen, naar oma en opa, vriendjes en vriendinnetjes, enz. enz.

Deze band en de hechting die het kind met de vader had wordt door de moeder plotsklaps aan het kind ontnomen. Het kind kan veelal niet beredeneren waarom dit zo gebeurt, is radeloos en intens en diep verdrietig.

Gezien de grote afhankelijkheid van het kind van de moeder en de loyaliteit die elk kind richting de beide ouders van nature bezit, is het voor het kind practisch onmogelijk zich tegen de moeder te keren. Het kind zal gezien de ervaring van het ‘zomaar' plotsklaps uit het leven kunnen verliezen van de vader en de hieruit ontstane onzekerheid en verborgen angst dat ook moeder plotsklaps verdwenen kan zijn, vaak sterker aan de moeder gaan ‘hangen'. Uit loyaliteit aan de moeder en het sociaal-wenselijk gedrag waarmee het kind voelt haar moeder te plezieren, neemt het kind in de loop der tijd waarschijnlijk zelfs de vader-afstotende houding van de moeder over (zie Parental Alienation Syndrome).

Het kind kan in deze gevallen bij navraag aan het kind dan ook vaak zelf geen (valide) reden noemen waarom het de vader niet zou willen zien, aangezien de afstotende gedachten (en redenen) niet van het kind zelf zijn, maar van de moeder.

Optreden van gewenning

Het kind zal naarmate de maanden/jaren verstrijken steeds meer ‘wennen' aan het niet (meer) aanwezig zijn van de vader in het leven van alledag. Dit heeft zijn weerslag in aanpassingen aan dagelijkse/wekelijkse/maandelijkse routines in het leven van het kind en de moeder, en uiteraard ook in dat van de vader. Er doet zich een verandering voor waar de vader eigenlijk niet aan wíl wennen, maar gedwongen wordt mee om te gaan zolang de situatie voortduurt.

Het kind zal langzaamaan kunnen gaan ‘geloven' dat het geen vader meer heeft. Zal dan zelfs vanuit dit geloof tegen anderen kunnen gaan zeggen: ‘ik heb geen vader meer'. In de loop der jaren zal zich bij het kind onbewust ook een steeds groter identiteitsprobleem gaan ontwikkelen. Elk kind weet dat het een moeder en een vader heeft, zeker als daar gedurende vele jaren van family life een band en een hechting mee is ontwikkeld. Het plotseling afkappen hiervan heeft ernstige traumatische effecten tot gevolg, die vergelijkbaar zijn met de verlies-emoties die kinderen, die door andere oorzaken, zoals overlijden, plotsklaps hun vader verliezen, doormaken.

Een groot extra negatief verlies-effect op het kind wordt door de moeder en de omgeving van moeder toegebracht door niet meer over de vader te spreken, hem letterlijk (sociaal) dood te zwijgen, soms zelfs op advies van éénzijdig door de moeder ingeschakelde therapeuten en/of kinderpsychologen.

Het kind kan hierdoor extra aan eigen waarneming en eigen herinneringen gaan twijfelen, wordt hiermee extra onzeker gemaakt en valt dan ook vaak terug in schoolprestaties. Het kind ontwikkelt hierbij mogelijk problemen met het onderscheiden van realiteit en fantasie.

Het kind wordt geen enkele mogelijkheid meer geboden om de eigen ervaringen met - en herinneringen aan - de vader te ‘verversen', door gewoon normaal ongestoord contact met hem te hebben.

E.C. vdr Waal

okt 2003

www.ouderverstoting.nl



 

 




©by Martha™ created with love ~ 03 jan 07



Free counter and web stats